Een dun laagje chroom

“Een pakketje schroot, met een dun laagje chroom.” U weet vast nog wel uit welk liedje dit zinnetje komt. Het galmde meteen door m’n hoofd toen ik naar een interview met Paul Meyer zat te kijken op 7 Ditches. ‘Reclame is dood’, was zijn stelling. En waarom? Omdat reclame een vernislaag over bedrijven, producten en merken heen legt. Terwijl de samenleving nu juist bezig is om vernislagen overal weg te krabben.

Authenticiteit is key

We willen allemaal weten of mensen en merken ‘echt’ zijn. Of ze de moeite waard zijn… of een teleurstellend pakketje schroot. Dankzij internet en mobile zijn we daar (o.a. via social media) in no time achter. De geloofwaardigheid van bedrijven en producten kan niet meer zonder authenticiteit en transparantie. Of je ’t nu leuk vindt of niet, het zijn in deze tijd belangrijke merkwaarden.

Brandmessage

Toch zie ik nog veel marketingafdelingen druk in de weer met louter en alleen dunne laagjes chroom. Niet omdat de identiteit van de eigen organisatie het communiceren niet waard is, maar omdat ze er niet in slagen om de eigen ‘brandmessage’ te vertalen in relevante content. Ze blijven maar zenden en pushen om een punt te maken: hou van mij! Vind mij leuk! Koop mij! Zo creëer je geen betrokkenheid.

Mensen en merken die ervoor kiezen om een (h)echte relatie aan te gaan met anderen, kunnen niet om het maken van content heen. Met content laat je je als merk kennen zoals je daadwerkelijk bent. Geef je jezelf bloot. Sta je open voor dialoog en input om je product of dienst te verbeteren. En geef je anderen dus de kans om je aardig, leuk en waardevol te vinden. Of juist niet. Maar dat is dan altijd nog beter dan het creëren van een illusie.

Lang leve reclame

Is reclame dan echt dood? Ik geloof het niet. Ook al veranderen vorm en inhoud voortdurend. Als ik alleen al denk aan campagnes waarbij naamsbekendheid het voornaamste doel is, dan voorzie ik op voorhand inzet van reclame. Bij salesacties idem. Al hangt e.e.a. natuurlijk sterk af van bedrijf, product en doelgroep(en).

Het goede doel

Natuurlijk, door de haast onbeperkte communicatiemogelijkheden die ons vandaag de dag ter beschikking staan, is het reclamevak radicaal veranderd. Maar wat volgens mij nog altijd staat is dat elke keuze die we daarin maken, gedreven wordt door motieven en doelen. Als we er samen voor zorgen dat dit de juiste zijn, dan gaat je merk vanzelf stralen.

 

Arjan Mackaay is creative director bij Mackaay Communicatie Groep in Lochem en gespecialiseerd in het ontwikkelen van creatieve communicatie concepten.

4 antwoorden
  1. Martijn Bloksma
    Martijn Bloksma zegt:

    Goed verhaal Arjan waar ik voor een groot deel mee eens ben.

    Ik rijd een VW Polo. Een autootje van 13 jaar oud volgens mij. Rijdt als een trein (zonder vertraging), maar ziet er niet uit. Nu kan ik voor de authenticiteit gaan en voor de transparantie en de auto zo laten.

    Stel nu dat ik een fotoshoot ga doen met mijn auto. No way dat de voorruit met al die sterren op de foto komt. En ook niet die deuk linksachter in mijn bumper. Ik wil mijn auto graag zo mooi mogelijk in beeld brengen.

    Het Polootje heeft inderdaad geen laagje chroom nodig, maar de aandacht moet naar de mooie onderdelen van de auto gaan. Die wil ik laten zien. De rest niet. Want dan is het een pakketje schroot.

    Kortom, we kunnen wel praten over authenticiteit en transparantie, maar stiekem bepalen wij wat we laten zien en wat niet. “Ik heb niet gelogen, ik heb het niet vermeld.” Zoiets 😉

    Had ik al gezegd dat ik het een goed verhaal vind? Wil graag meer van je lezen!

    Beantwoorden
  2. Arjan
    Arjan zegt:

    Hey Martijn, leuke reactie. Ik pleit ook niet direct voor het inzoomen op zwakke plekken, al staat die deuk waarschijnlijk voor een stukje ervaring 😉 Maar om in jouw beeldspraak te blijven: je kunt wél vertellen waarom jij een VW Polo rijdt, wat je er allemaal mee bereikt hebt (letterlijk en figuurlijk) en dat al 13 jaar lang! Dat moet dus een goed karretje zijn! (Over de bestuurder hebben we ’t niet toch?)
    Transparantie in de zorg bijvoorbeeld leidt er wel toe dat de cliënt zijn eigen afwegingen beter kan maken. “Waar laat ik me opereren”. Tegelijkertijd zet het de organisatie op scherp. Daar kun je dus beter van worden. Transparantie kan voor mij ook betekenen dat je méér laat zien van je bedrijf dan je gewend was. Voorbeeld: niet alleen pronken met wat je maakt als bedrijf, maar ook met hoe je ’t maakt. Duurzaamheid kan dan ineens een topic zijn. Ik heb daar talloze voorbeelden van en die komen nog weleens aan bod.
    Maar nogmaals, ik geloof zoals ik schrijf nog altijd in de rol van reclame. Soms hebben merken een duwtje nodig, toch?

    Beantwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *